jelmer alberts

Blog

Gebundelde kracht is dubbele kracht

28 Apr 2011

Gebundelde kracht is dubbele kracht

Nederland heeft een relatief grote verzekeringssector, maar de politieke invloed van ons kleine land binnen Europa is beperkt. Eensgezind optrekken en coalities vormen is daarom essentieel.

Begin maart verscheen in het FD een artikel met de kop ‘Gezamenlijke lobby van Financiën en verzekeraars verbaast Brussel’. Toezichthouder AFM, het Ministerie van Financiën, Adfiz, Dufas en het Verbond van Verzekeraars hebben gezamenlijk gereageerd op een consultatie van de Europese Commissie over nieuwe regels bij complexe financiële producten, de zogenaamde PRIPs. Het FD citeert een bron bij de Commissie die aangeeft dat zo’n gezamenlijke reactie ‘ongebruikelijk is, maar dat het vanuit andere landen wel eens eerder is gebeurd’.

Het mag dan ongebruikelijk zijn, het is voor Nederland wel van groot belang om zoveel mogelijk met één stem te spreken. We zijn een klein land binnen Europa, terwijl onze financiële sector juist relatief groot is. Dat vraagt om publiekprivate samenwerking in de politieke arena: gebundelde kracht is dubbele kracht.

Het stemgewicht dat landen hebben in de Raad van Ministers is gekoppeld aan het inwonertal van de Europese lidstaten. Dat geldt ook voor het zetelaantal in het Europees Parlement. Nederland is een relatief klein land: 16 miljoen inwoners op 500 miljoen Europese burgers. We maken slechts 3,2% van de Europese bevolking uit en hebben daarom beperkte politieke invloed. En dat is ook wel zo democratisch.

De belangen van de Nederlandse verzekeringssector zijn echter beduidend groter dan de politieke invloed van Nederland als lidstaat. Nederlandse verzekeraars zijn goed voor een jaarlijks premie-inkomen van meer dan €75 miljard en zijn daarmee de vijfde markt van Europa. Je zou kunnen zeggen dat Nederland te weinig politieke slagkracht heeft om de belangen van haar verzekeringssector te kunnen behartigen. 

Hoe kunnen we daar het best mee omgaan? Ik denk door zoveel mogelijk de krachten te bundelen, als marktpartijen en overheid, zoals we dat bij PRIPs hebben gedaan. Als we als klein land eensgezind laten zien wat volgens ons de juiste richting is, dan kunnen we een gidsland zijn. De Nederlandse verzekeringsmarkt heeft in de afgelopen jaren de nodige stormen doorstaan. Daar hebben we van geleerd en die lessen zijn vertaald naar bijvoorbeeld Bgfo en Modellen de Ruiter. Daar kan Europa haar voordeel mee doen. Maar dan moeten we dat wel met één Nederlandse stem uitdragen: ministerie, toezichthouders en marktpartijen. Dat signaal komt door.

De Engelsen en Fransen zijn er nog bedrevener in dan de – toch wat bescheiden – Nederlanders. Het gebeurt regelmatig dat het City-standpunt uitgedragen wordt door de burgemeester van Londen, die hoogstpersoonlijk naar Brussel vliegt om de boodschap over te brengen. Die aanpak werkt. Ik pleit er niet voor dat Eberhard van der Laan iedere maand naar Brussel treint, maar zo’n eensgezind geluid zouden we als Nederland vaker kunnen laten horen. Waar een klein land groot in kan zijn.